Voor de mensen die ongerust werden, ik leef nog hoor.
Het probleem is dat we op dit ogenblik geen internet hebben in ons huis, en omdat we niet willen profiteren van onze werkgever zijn internetlijn... :) is het er dus nog van gekomen om nog eens iets te bloggen. Hopelijk komt er gauw verandering in.
April was tot nu toe een drukke maand. Druk qua bezoeken (bedankt iedereen), druk qua weer maar iets minder druk qua werk.
Waarmee hielden we ons de afgelopen week zoal bezig?
Eerst en vooral zijn we gepromoveerd van kamer. Na het vertrek van de Waalse meisjes kregen wij de grote kamer, inclusief betere matrassen.
Vrijdag ben ik naar een feestje in het Breyner-huis gegaan. Een huis waar 22 erasmussers samenhokken. Ik sprak met verschillende interessante mensen, van verschillende origines. Kortom een leuke ervaring. Dat rond 6 uur 's morgens de politie het welletjes vond, vergeten we dan maar.
Zaterdag overschouwden Monica, Robin en Ik Porto eens vanuit hogere sferen (niets te maken met feestje). We beklommen de hoogste toren van Porto: de Torre dos Clérigos. Van bovenaf gezien lijkt Porto, met zijn rode daken, enorm op Firenze. Door het uitstekende weer konden we het historische centrum op de gevoelige plaat leggen. Foto's volgen nog....
donderdag 26 april 2007
zondag 8 april 2007
Vintage, Ruby, Tawny en Cachucha
Een maand heb ik het kunnen uithouden: Wat? Zwijgen over het bekendste exportproduct van Porto. Maar nu moet het er toch uit.
Porto, iedereen kent het wel. Of het nu in de rode of de witte uitvoering is, we hebben het allemaal al eens gedronken als aperitief. Maar dat zijn niet de enige portowijnen die er zijn. Daarom gingen Robin en ik op onderzoek.
Porto mag, net zoals de champagne in Frankrijk, alleen maar in de Douro vallei worden gemaakt. Het is ook dat specifieke klimaat en die speciale ondergrond die porto maakt tot wat het is. De druiven staan op wijngaarden iets dieper het land in. De druiven worden beschermd tegen de invloeden van de oceaan door de bergen. Die bergen zorgen ervoor dat het koud is in de winter en warm en droog in de zomer.
Tot zover gids Jonas.
Het gekendste Portohuis is natuurlijk Sandeman, deze Schot was eigenlijk meer een marketeer dan een wijnstoker. Maar hij heeft er ook voor gezorgd dat Portowijnen dus bekend zijn geworden buiten Portugal.
Als je in Porto bent, moet je dan ook zeker eens een portohuis gaan bezoeken. Uw schrijver nam deze moeilijke, doch leerrijke taak op zich.
Vorige week gingen we naar Offley's. We kregen er een korte Engelse (?) rondleiding en kregen er 2 portowijnen voorgeschoteld. De gewone rode porto (Ruby), met een fruitige afdronk, een aroma van vers fruit.
Dan een Cachuca, een zoete goudkleurige porto. Een lichte vanilletoets, en door het 5 jaren durend rijpingsproces in een klein vat, heeft die nog een prominentere eiksmaak. Uitermate geschikt bij foie gras.
Dit weekend opende Sandeman terug zijn deuren, na een kleine renovatie. Sandeman behoort tot de zelfde groep van Offley.
Hier betaal je in tegenstelling tot Offley wel een toegangsticketje (3€). Hiervoor krijg je dezelfde rondleiding als bij Offley, maar word je achteraf ook nog eens getrakteerd op een uitzending van SchoolTV over het maken van Porto.
Ook kregen we 2 kleine glaasjes (was einde van de dag, misschien waren de flessen op) met alweer een rode porto en een gewone witte.
Nu moet ik nog even enkele termen uitleggen waarschijnlijk voor de niet-sommeliers onder ons.
Als jullie dit maar allemaal gezever vinden, kan ik jullie aanraden er eens een paar te komen proeven.
Porto, iedereen kent het wel. Of het nu in de rode of de witte uitvoering is, we hebben het allemaal al eens gedronken als aperitief. Maar dat zijn niet de enige portowijnen die er zijn. Daarom gingen Robin en ik op onderzoek.
Porto mag, net zoals de champagne in Frankrijk, alleen maar in de Douro vallei worden gemaakt. Het is ook dat specifieke klimaat en die speciale ondergrond die porto maakt tot wat het is. De druiven staan op wijngaarden iets dieper het land in. De druiven worden beschermd tegen de invloeden van de oceaan door de bergen. Die bergen zorgen ervoor dat het koud is in de winter en warm en droog in de zomer.
Tot zover gids Jonas.
Het gekendste Portohuis is natuurlijk Sandeman, deze Schot was eigenlijk meer een marketeer dan een wijnstoker. Maar hij heeft er ook voor gezorgd dat Portowijnen dus bekend zijn geworden buiten Portugal.
Als je in Porto bent, moet je dan ook zeker eens een portohuis gaan bezoeken. Uw schrijver nam deze moeilijke, doch leerrijke taak op zich.
Vorige week gingen we naar Offley's. We kregen er een korte Engelse (?) rondleiding en kregen er 2 portowijnen voorgeschoteld. De gewone rode porto (Ruby), met een fruitige afdronk, een aroma van vers fruit.
Dan een Cachuca, een zoete goudkleurige porto. Een lichte vanilletoets, en door het 5 jaren durend rijpingsproces in een klein vat, heeft die nog een prominentere eiksmaak. Uitermate geschikt bij foie gras.
Dit weekend opende Sandeman terug zijn deuren, na een kleine renovatie. Sandeman behoort tot de zelfde groep van Offley.
Hier betaal je in tegenstelling tot Offley wel een toegangsticketje (3€). Hiervoor krijg je dezelfde rondleiding als bij Offley, maar word je achteraf ook nog eens getrakteerd op een uitzending van SchoolTV over het maken van Porto.
Ook kregen we 2 kleine glaasjes (was einde van de dag, misschien waren de flessen op) met alweer een rode porto en een gewone witte.
Nu moet ik nog even enkele termen uitleggen waarschijnlijk voor de niet-sommeliers onder ons.
- Vintage: een Porto met alleen maar druiven van dezelfde oogst. Niet elk jaar wordt er een vintage uitgeroepen, want de vintage moet uitstekend zijn van kwaliteit. Kwaliteit betekent ook duur in dit geval
- Tawny: Rode porto, wordt beter met de jaren, maar ook duurder
Als jullie dit maar allemaal gezever vinden, kan ik jullie aanraden er eens een paar te komen proeven.
Abonneren op:
Posts (Atom)